Naams geschiedenis

Een heel interessante vraag is altijd waar komt de naam vandaan? Hoe ontstaan namen? Als je de geschiedenis in duikt kom je veel verklaringen tegen. Voor een belangrijk deel is er toch wel veel van bekend.

In de 16 en 17 eeuw ontstond er de behoefte voor een 2e naam. Hiermee was eigenlijk de achternaam geboren. Vroeger heette je bijv. Jan Jansz. Eigenlijk had je daarmee al een achternaam. In dit geval betekende het Jan, de zoon van Jan. Later ging men de achternamen afleiden van: Beroep, Geografie, Planten, Dieren, Adresgegevens, Bloemen, Planten en Menselijke eigenschappen en werden later weer verbasterd. Iemand die landbouwer was werd de Boer, iemand die Bakker was werd Bakker of de Bakker, Visser, Visserman etc.

Bij Geografie werd dat bijv. van Dieren, van Rheden of van de Sluis. Bij menselijke eigenschappen kreeg je bijv. de Lange, de Korte, de Dikke, de Witte, etc.

Bij adres gegevens speelden vaak boerderijen een rol. Als je naam eindigt op hof kun je er wel van uitgaan dat een boerderij daar een rol in heeft gespeeld. Dat geldt dus ook voor de naam Boverhoff. Opa Boverhoff (Rijkman, geb. 1894) zei altijd; “Wij zijn van Duitse afkomst”. Dit zei hij ook, voornamelijk, vanwege de dubbele FF op het eind. Ik trek dat ernstig in twijfel. En dat om meerdere redenen. In Nederland zijn er meerdere namen die eindigen op een dubbele letter. Overigens ook niet zo gek veel. Ook in Duitsland zijn er helemaal niet zoveel namen die eindigen op een dubbele letter. Waarom zouden de Duitsers die dubbele letter niet van ons hebben afgepikt? Als hij met deze opmerking bedoeld heeft dat bij onze naamgeving een Duitse achtergrond heeft mee gespeeld, dan kan ik me er iets bij voorstellen. Een boerderij is in Duitsland ook een ho(o)f.  In het zuidelijk gedeelte van Drenthe alsmede in Overijssel wordt de grond c.q. tuin om het huis in het dialect ook hof genoemd. Bover zou een verbastering kunnen zijn van boven. Het zou dus goed kunnen zijn dat er vroeger een boerderij op een hoogte stond of een tuin die op een hoogte lag, waardoor uiteindelijk de naam Boverhoff is ontstaan. Bedenk dat ook dat de Boverhoffen uit een omgeving komen waar men een heel eigen dialect had. Als de Boverhoff(en) van Duitse afkomst waren zou er binnen de geslachten ook duitse voornamen in moeten voorkomen. En dat is niet het geval. Sterker nog, je komt alleen maar  puur Hollandse namen tegen. De wortels van de Boverhoff (en) zoals ik tot nu toe heb kunnen vinden liggen in Zuidveen. (Gemeente Steenwijk) Ook een ander Boverhoff lijn heeft daar de wortels liggen.

Opmerkelijk. Opmerkelijk is dat de naam Boverhoff al ver voor 1811 bestond. Dus voor de verplichting van Napoleon dat men een achternaam moest hebben. Als ik zie dat Jan Jacobs rond 1770 en Geert ook rond 1770 is geboren dan zou het niet vreemd zijn als deze beide jongens broers zijn. De naam Boverhoff moet dan dus al voor 1750 bestaan hebben. Dus zo’n 60 jaar voor de wet van Napoleon. Dit is inderdaad heel goed mogelijk. Als deze beide jongens geen broers zijn, moet de naam dus nog veel ouder zijn. Inmiddels (2-10-2007) weet ik dat de naam al in 1633 bestond. (Lucas Boverhoff) Volgens onderzoek in Limburg kwamen daar in 1650 al achternamen voor.

Waar komt dan de dubbele F vandaan? Ik heb op mijn zoektocht ook al eens Boverhov, dus met een v, zien staan. Volgens geschiedkundigen zou er een tijd geweest zijn dat achternamen nogal wat nadrukkelijk werden uitgesproken, vooral bij de oudste zoon en dat daarom de oudste zoon een dubbele letter bij zijn achternaam kreeg. Zelf hou ik het er voorlopig maar op dat iemand vroeger een schrijffout heeft gemaakt of dat hij het wel interessant vond. Juist met de schrijfwijze is er veel “aangerommeld”. Ook moet men er echter rekening mee houden dat men zelf ook vaak niet schrijven kon of heel gebrekkig. Des te langer ik met de stamboom bezig ben des te meer gaat bij mij het idee leven dat de dubbele F  min of meer bij toeval is ontstaan. Ik kom officële en authentieke akte’s tegen waar de naam van een persoon met 1 F wordt geschreven en officële en authentieke akte’s van dezelfde persoon met dubbele F wordt geschreven. Jan Jacobs bijvoorbeeld ondertekende gemeentelijke stukken en presentie lijsten zowel met 1 als met dubbel F. Ook door het gemeente bestuur werd zijn naam meestal met dubbel F geschreven. Feit is dat in 1811 door Napoleon een decreet is uitgevaardigd dat de mensen verplichtte om een achternaam te hebben. Men moest dan met 2 mensen naar rechtbank om de naam vast te leggen. Vanaf die tijd liggen dus de achternamen vast. Niet iedereen stelde dit decreet op prijs. Napoleon was tenslotte een bezetter. Sommigen namen daarom hele vreemde namen aan als Poepjes, Naaktgeboren. Bij het aanmelden van namen ging dan ook diverse keren gelach op. Ook gaf niet iedereen gehoor aan deze oproep en duurde het nog tot 1826 voor iedereen een dubbele naam had. Dit gebeurde dan ook nog op straffe van een boete.

Voornamen hebben ook door de jaren heen een aardige ontwikkeling door gemaakt. In de jaren 1600 en 1700 zie je heel vaak dat meisjes een jongensnaam krijgen waar vervolgens tje aan vast geplakt wordt. Ook ben ik tegen gekomen dat een meisje “Vrouwgien” wordt genoemd. ( En andere vreemde namen) Dan krijgen de meisjes van tegenwoordig wel mooiere namen. Maar we zullen maar denken, vroeger wist men niet beter.